Juridisch/ethisch

Amerikaans overheidsonderzoek naar puberteitsblokkers jarenlang stilgehouden door de onderzoeker zelf

Een Amerikaans overheidsonderzoek van 9,7 miljoen dollar naar puberteitsblokkers werd twee jaar stilgehouden door de onderzoeker die de behandeling zelf voorstaat. Het Congres onderzoekt de zaak, en ook de uiteindelijk gepubliceerde cijfers liggen onder vuur.

Door Ineke Bosman

Amerikaans overheidsonderzoek naar puberteitsblokkers jarenlang stilgehouden door de onderzoeker zelf

Op 27 augustus 2026 meldde The Daily Signal dat er eindelijk een langverwacht onderzoeksrapport over puberteitsblokkers boven tafel was — niet omdat de onderzoekers het zelf naar buiten brachten, maar omdat een waakhondorganisatie ervoor moest procederen. Het rapport hoort bij een studie van bijna tien jaar en 9,7 miljoen dollar aan Amerikaans belastinggeld, geleid door dr. Johanna Olson-Kennedy van Children's Hospital Los Angeles — een van de meest vooraanstaande Amerikaanse pleitbezorgers van gender-affirmerende zorg voor minderjarigen. Ruim een jaar eerder al erkende zij tegenover The New York Times dat ze de resultaten niet had gepubliceerd omdat ze niet wilde dat haar "werk gewapend zou worden" tegen de behandeling die ze zelf voorschrijft.

Een studie van 95 kinderen, negen jaar, 9,7 miljoen dollar

De studie, getiteld The Impact of Early Medical Treatment in Transgender Youth, volgde ongeveer 95 kinderen tussen de 8 en 16 jaar die puberteitsremmers (GnRH-agonisten) kregen voor genderdysforie. Het NIH kende er in 2015 een negenjarige subsidie van bijna 10 miljoen dollar voor toe. Het doel: vaststellen of blokkers, zoals vaak wordt beweerd, de psychische gezondheid van jongeren beschermen. Negen jaar later is dat antwoord er — via een rechtszaak, niet via een wetenschappelijk tijdschrift.

Wat de eigen cijfers bij de start al lieten zien

De uitgangswaarden van deze groep werden in 2020 wél gepubliceerd, in het Journal of Adolescent Health. Daaruit blijkt dat bij de start van de blokkers 28,6 procent van de kinderen verhoogde depressiescores had, 22,1 procent scoorde in het klinische bereik voor angst, 23,6 procent had ooit aan zelfdoding gedacht en 7,9 procent had eerder een suïcidepoging ondernomen. Dat zijn geen verwaarloosbare aantallen — en precies de cijfers waarmee blokkers doorgaans worden verdedigd als noodzakelijke bescherming van de psychische gezondheid.

Twee jaar later: stabiel, niet verbeterd

Het langverwachte vervolgonderzoek, in mei 2025 als preprint verschenen, trekt een andere conclusie dan de aanvankelijke belofte deed vermoeden. Depressiesymptomen "veranderden niet significant" over de 24 maanden, en de gemiddelde scores voor emotionele gezondheid kwamen op geen enkel meetmoment in het klinisch zorgwekkende bereik — óók niet bij de start. Suïcidale gedachten namen af, van 11 naar 5 van de op dat moment nog deelnemende jongeren. De onderzoekers concluderen zelf dat de deelnemers een "psychologische en emotionele gezondheid vergelijkbaar met de algemene adolescente bevolking" hadden, die "relatief stabiel" bleef.

Met andere woorden: de kinderen werden gemiddeld genomen niet slechter, maar ook niet aantoonbaar beter. Dat is een wezenlijk ander verhaal dan de veelgehoorde claim dat blokkers acute psychische nood wegnemen. Op de pagina van deze site over puberteitsblokkers en psychische gezondheid staat al waarom onderzoek dat voordeel tot dusver niet aantoont; dit NIH-onderzoek — juist opgezet om die vraag te beantwoorden — bevestigt dat beeld opnieuw.

Waarom het jarenlang niet naar buiten kwam

Dat de cijfers zelf al opvallend nuchter zijn, is één ding. Problematischer is waarom ze zo lang onder de pet bleven. Olson-Kennedy vertelde The New York Times eind 2024 dat ze publicatie had uitgesteld omdat ze niet wilde dat tegenstanders van blokkers de data zouden "wapenen" in het politieke debat. Dat is een opmerkelijke reden voor een door de overheid gefinancierde wetenschapper: het is niet aan een onderzoeker om zelf te bepalen of resultaten "veilig" genoeg zijn voor het publieke debat waarvoor het onderzoek juist bedoeld was.

Het Congres grijpt in

Die verklaring viel niet in goede aarde bij het Amerikaanse Congres. De subcommissie Gezondheidszorg van het Huis van Afgevaardigden, onder voorzitterschap van Lisa McClain, opende op 4 november 2024 een formeel onderzoek naar het NIH over deze kwestie. De subcommissie wees erop dat Olson-Kennedy de mentale gezondheid van haar deelnemers in het openbaar positiever had voorgesteld dan de eigen, al gepubliceerde cijfers uit 2020 rechtvaardigden — cijfers die volgens het onderzoeksteam zelf destijds al op "verontrustende psychische klachten" wezen. Die tegenstelling tussen wat een onderzoeker intern weet en extern communiceert, is precies het patroon dat ook naar voren komt uit de belangenverstrengeling rond puberteitsblokkers op deze site: professionals die zekerheid uitstralen die hun eigen data niet dekt.

Ook de gepubliceerde versie ligt onder vuur

Zelfs de gegevens die uiteindelijk wél verschenen, blijven omstreden. Wetenschapsjournalist Jesse Singal wees erop dat 38 procent van de oorspronkelijke groep — van 94 naar 59 deelnemers — voortijdig afhaakte, zonder dat dit in de beperkingen van het onderzoek wordt genoemd. Meer dan de helft van de resterende deelnemers was tijdens de onderzoeksperiode bovendien al overgestapt op cross-sekshormonen, waardoor het effect van blokkers alléén niet meer zuiver te meten is. Ook zou het team halverwege zijn verschoven van de oorspronkelijke onderzoeksvraag naar bredere emotionele uitkomsten — een praktijk die in de methodologie bekendstaat als HARKing: net zo lang in de data zoeken tot er een gunstig patroon uitrolt.

Wat dit voor Nederland betekent

Dit is een Amerikaanse zaak, met een Amerikaanse subsidie en een Amerikaans Congres dat ernaar kijkt. Maar de vraag die het oproept is universeel: wat gebeurt er als de mensen die een behandeling het felst verdedigen, ook bepalen wélk bewijs wanneer het daglicht ziet? Diezelfde kloof tussen interne kennis en publieke stelligheid dook eerder op in de WPATH Files over belangenverstrengeling, waarin behandelaars onderling twijfelden terwijl ze naar buiten toe zekerheid communiceerden. Zolang toezicht op dit soort onderzoekslijnen goeddeels in handen blijft van dezelfde kliniek die de behandeling ook toepast, blijft die kwetsbaarheid bestaan — ook hier.

Veelgestelde vragen

Wat toonde het NIH-onderzoek naar puberteitsblokkers precies aan?

Na 24 maanden bleven depressie- en angstscores van de deelnemers gemiddeld stabiel en vergelijkbaar met leeftijdsgenoten in de algemene bevolking. Er was geen aantoonbare verslechtering, maar ook geen aantoonbare verbetering die de veelgehoorde claim ondersteunt dat blokkers de psychische gezondheid van jongeren met genderdysforie merkbaar verbeteren.

Waarom duurde het zo lang voordat deze resultaten bekend werden?

Hoofdonderzoeker Johanna Olson-Kennedy zei tegenover The New York Times dat ze niet wilde dat de data "gewapend" zouden worden in het politieke debat over transgenderzorg. Het definitieve rapport kwam pas naar buiten nadat de waakhondorganisatie Oversight Project een rechtszaak had aangespannen om het op te vragen.

Is er ook kritiek op het onderzoek zelf?

Ja. Wetenschapsjournalist Jesse Singal wijst onder meer op een hoge uitval (38 procent van de deelnemers stopte voortijdig), op het feit dat meer dan de helft van de resterende deelnemers tijdens de studie al cross-sekshormonen kreeg — waardoor het effect van blokkers niet zuiver te meten is — en op een mogelijke verschuiving van de onderzoeksvraag halverwege het traject.

Bronnen

The Daily Signal, Fred Lucas, "EXCLUSIVE: NIH-Funded Study Finds Puberty Blockers Failed to Improve Youth Mental Health", 27 augustus 2026.

House Committee on Oversight and Government Reform, "McClain Probes $9.7 Million Taxpayer-Funded Study Buried by Activist Researcher on Puberty Blockers", 4 november 2024.

Chen D, Abrams M, Clark L, e.a., Psychosocial Characteristics of Transgender Youth Seeking Gender-Affirming Medical Treatment: Baseline Findings From the Trans Youth Care Study, Journal of Adolescent Health, 2020;68(6):1104-1111 — volledige tekst op PubMed Central.

Olson-Kennedy J, e.a., Mental and Emotional Health of Youth after 24 months of Gender-Affirming Medical Care Initiated with Pubertal Suppression, medRxiv preprint, 16 mei 2025 — volledige tekst op PubMed Central.

Jesse Singal, "A Critique Of 'Mental and Emotional Health of Youth after 24 months of Gender-Affirming Medical Care Initiated with Pubertal Suppression'", 13 juni 2025.

Verenigde StatenNIHbelangenverstrengelingonderzoekOlson-Kennedy

Twijfel je, of maak je je zorgen om je kind?

Lees hoe je kunt steunen